oefenmatch

mannelijk/vrouwelijk (de)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. een wedstrijd die dient als training
    Een kunstgreep die we ook bij Frank Boeckx hebben toegepast. Die moest met Anderlecht een oefenmatch in Nederland spelen en zou met de wagen nooit op tijd in Vilvoorde zijn geraakt.
    Behalve in Borne oefent Oranje nog een keertje eerder tegen Finland. Die wedstrijd wordt gespeeld op Papendal en is daags voor de oefenmatch in Borne.