oir
onzijdig (het)/or/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (juridisch) (verouderd) geheel van de personen die in rechte lijn van iemand afstammenWie heerst, die hoopt en doet om oir meer dan hij mag.
- (figuurlijk) (verouderd) persoon die in rechte lijn van iemand afstamtBestraf hem niet. Dit is de vrome vechterdie 't volk beschut, zijn eigen hof vernielt,zijn enig oir en erfgenaam' ontzielt.
Etymologie
*via Middelnederlands "hoir" en verouderd "hoir" van Latijn "haeres" "erfgenaam"
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek