oksel

mannelijk (de)/ˈɔksəl/

Wat is de betekenis van oksel?

oksel betekent: (anatomie) holte tussen de arm en de romp, bij de schouder

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. anatomie (anatomie) holte tussen de arm en de romp, bij de schouder

Voorbeelden van "oksel" in een zin

  • Niemand scheerde zijn kin of oksels, bh’s bleken niet te werken onder zware rugzakken en er was een gezonde hoeveelheid vrije liefde onder de jonge garde.

Etymologie

*(erfwoord) via Middelnederlands "ocsele" van Oudnederlands "assala" "schouder", in de betekenis van ‘holte onder de arm’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1240

Vertalingen

Engelsarmpit
Fransaisselle
DuitsAchselhöhle
Spaansaxila
Italiaansascella
Russischподмышка
Chinees脇, 胁, 脅
Japans脇の下
Koreaans겨드랑이
Turkskoltuk altı, aksilla