omhullen

/xxxx/

Betekenis

werkwoord
  1. ov (ov) rondom met een laag bedekken
    Hij moest zijn schouders en benen omhullen met een lap stof voordat hij de tempel mocht betreden.
  2. refl (refl) zich ~: zichzelf rondom bedekken
    De rups omhulde zich met een cocon van gesponnen zijde.

Vertalingen

Engelsembower
Duitsumhüllen