omweg
mannelijk (de)/ˈɔmwɛx/
Wat is de betekenis van omweg?
omweg betekent: de weg die langer is dan de gewone of kortste verbinding tussen twee plaatsen
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- de weg die langer is dan de gewone of kortste verbinding tussen twee plaatsen
- een weg die om een obstakel heen gaat
- nodeloze omhaal van woorden
Voorbeelden van "omweg" in een zin
- Omdat de weg ten gevolge van een ongeluk was afgesloten, moest men een omweg maken om op de plaats van bestemming te komen.
- Ik laat het meestal helemaal aan hen over, soms springen ze over de gevallen bomen, soms moeten we helemaal terug om een omweg te vinden.’ Hij stak weer een peuk op en het bleef opeens stil.
- Met veel omwegen trachtte de man zijn plannen duidelijk te maken.
Vertalingen
Engelsdetour
DuitsUmweg
Zweedsomväg
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek