ondeelbaarheid
vrouwelijk (de)
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- de mate waarin een geheel niet in stukken gedeeld kan wordenEen ongewone klaarheid en ondeelbaarheid van al wat zichtbaar is.De U-raad heeft onder meer bezwaren tegen de ondeelbaarheid van modules en de wens van het college om tegelijkertijd een bezuiniging op het onderwijs te realiseren.
- niet deelbaar; als bij deling van een geheel getal door een ander geheel getal de rest niet gelijk is aan 0
- iets dat niet in onderdelen verdeeld kan worden
Etymologie
* afleiding van ondeelbaar
Vertalingen
Engelsindivisibility
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek