ongehuwd
ˈɔŋɣəˌhywt
Wat is de betekenis van ongehuwd?
ongehuwd betekent: niet getrouwd
Betekenis
bijvoeglijk naamwoord
- niet getrouwd
Voorbeelden van "ongehuwd" in een zin
- De vondeling werd Jan van der Stoep genoemd, vanwege de plek waar hij lag. Pas jaren later werd bekend dat zijn ongehuwde moeder uit pure armoede haar zoontje op straat had achtergelaten.
- Hij bleef ongehuwd.
Veelgestelde vragen over ongehuwd
Wat is de betekenis van ongehuwd?
ongehuwd betekent: niet getrouwd
Hoe gebruik je ongehuwd in een zin?
Voorbeeld: “De vondeling werd Jan van der Stoep genoemd, vanwege de plek waar hij lag. Pas jaren later werd bekend dat zijn ongehuwde moeder uit pure armoede haar zoontje op straat had achtergelaten.”
Etymologie
afgeleid van gehuwd bn met het voorvoegsel on-
Vertalingen
Duitsunverheiratet
Engelsunmarried
Spaanssoltero
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek