ontdooien
/ɔnˈdojə(n)/
Betekenis
werkwoord
- (erga) ophouden bevroren te zijnDie kip ontdooit maar langzaam.
- (ov) uit bevroren toestand halenDat vlees kan ook in de magnetron ontdooid worden.
- (erga) ophouden zich stijf en formeel op te stellenGelukkig ontdooiden ze wat toen de kinderen binnengekomen waren.
Etymologie
*afgeleid van dooien
Vertalingen
Engelsdefrost, thaw
Fransdécongeler, dégeler
Duitsabtauen, entfrosten
Spaansdeshelar, descongelar
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek