ontkomen
/ɔntˈkomə(n)/
Betekenis
werkwoord
- (erga) ergens aan ontsnappenHij slaagde erin uit het raam te klimmen en ontkwam daarmee aan een wisse dood.Volgens de overlevering vluchtten meisjes uit Plancher-Les-Mines gedurende de Dertigjarige Oorlog (1618-1648) de bossen in om te ontkomen aan bloeddorstige huurlingen in dienst van de Zweedse bezetter.Zelfs in deze uitgestrekte Amerikaanse wildernis was niet aan de invloeden van de civilisatie te ontkomen.
Etymologie
*ontkomen aan
Vertalingen
Engelsescape
Duitsentwischen
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek