ontsporen
/ɔntˈsporə(n)/
Wat is de betekenis van ontsporen?
ontsporen betekent: (erga) uit het aangelegde spoor geraken
Betekenis
werkwoord
- (erga) uit het aangelegde spoor geraken
- (intr) (figuurlijk) mislukken, zich vergalopperen, op het verkeerde pad raken
Voorbeelden van "ontsporen" in een zin
- Op de Maasvlakte bij Rotterdam is een goederentrein ontspoord.
- Ik maakte vóór mijn trip vaak de grap dat ik zodra mijn oudste dochter ontspoorde direct naar huis zou komen.
- Ze reageerde altijd verontwaardigd ‘Waarom ik altijd? Mijn zusje kan ook ontsporen hoor!’ Maar zolang alles goed en gezond bleef aan beide kanten van de oceaan kon ik met een gerust hart doorlopen.
Etymologie
*Afgeleid van spoor
Vertalingen
Fransderail, dérailler
Duitsentgleisen
Spaansdescarrilar
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek