openheid
vrouwelijk (de)
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- het open zijnHet was prachtig en overweldigend geweest in de bergen maar ik verlangde naar de eenvoud en openheid van de woestijnheuvels van Noord-Californië die nu voor me lagen.
Etymologie
*afgeleid van open
Vertalingen
Engelsfrankness, openness
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek