opnoeming

vrouwelijk (de)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. opsomming
    Dit werkje is geheel wetenschappelijk. Eene juiste en naauwkeurige verdeeling in bepaalde tijdperken, en deze weder in afdeelingen, legt den grondslag van het beknopte en zaakrijke boek. Het bevat enkel eene opnoeming van geschiedkundige daadzaken, geregeld opeenvolgend, met naauwkeurige aanduiding van den tijd, zonder toepassing, zonder eenige jagt op effect, aan schrijvers voor kinderen anders zoo eigen. Eerste beginselen der Algemeene Geschiedenis van ons Vaderland, door Prof. L. Visscher. Te Utrecht, bij Kemink en Zoon. 1848. In kl. 8vo. 87 bl. f : - 40.[https://www.dbnl.org/tekst/_vad003184901_01/_vad003184901_01_0115.php (1849)– tijdschrift Vaderlandsche Letteroefeningen]

Etymologie

* van opnoemen

Vertalingen

Engelslist, summary