opraakt

Wat is de betekenis van opraakt?

opraakt betekent: tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van opraken

Betekenis

werkwoord
  1. tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van opraken
  2. derde persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van opraken

Voorbeelden van "opraakt" in een zin

  • ... dat jij opraakt.
  • ... dat hij opraakt.