opschrijven

Betekenis

werkwoord
  1. ov (ov) schrijvend een notitie ergens van maken
    Hij had gelukkig het nummer even opgeschreven.
    `Het heeft op ons gewacht; zei ik.'Nu kan het verhaal beginnen.' `Zal het een verhaal zijn dat goed afloopt?'` Mooie verhalen lopen nooit goed af,' zei ik. 'Dus we zitten altijd goed. Ofwel we maken een mooi verhaal, ofwel we leven nog lang en gelukkig.'`In het eerste geval wil ik dat jij het opschrijft, en niemand anders.'