ossenhaas

mannelijk (de)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. voeding (voeding) het meest malse vlees van het rund, de lendenspier
    Het hoofdgerecht was gegrilde ossenhaas in bladerdeeg met cantharellensaus en aardappelgratin.

Vertalingen

Spaansfilete de buey, solomillo, solomillo de vaca