Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.

otofoon

mannelijk (de)/ˌotoˈfon/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. historisch (historisch) bij het oor gehouden hoorntje waarmee slechthorenden geluid uit een bepaalde richting kunnen opvangen en versterken
    Met de moderne hoorapparaten, de speech-amplifiers (de oude naam was otofoon) is het mogelijk het doofstomme kind zijn eigen stem te doen voelen.

Etymologie

*gevormd uit "ὠτός" (otós) "van het oor" (genitief van "οὖς" (oús) "oor")