oud-aanvoerder
mannelijk (de)
Wat is de betekenis van oud-aanvoerder?
oud-aanvoerder betekent: voormalig leider of bevelvoerder
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- voormalig leider of bevelvoerder
Voorbeelden van "oud-aanvoerder" in een zin
- ‘Jij snapt ook niets,’ zei ik, ‘zo’n spandoek, dat is een uiterst ironische verwijzing naar het spandoek dat de supporters van Standard Luik voor hun oud-aanvoerder Steven Defour maakten toen hij vanmiddag met zijn nieuwe club Anderlecht bij hen op bezoek kwam. Zo begroeten sportjongens elkaar.’
- De oud-aanvoerder van het Nederlands elftal werkte de afgelopen maanden voor de The City Group, waar clubs als Manchester City, New York City FC en Melbourne City FC onder vallen. Guangzhou R&F hoort niet bij dat concern.
Etymologie
*, volgens spellingregel 6.I geschreven met een koppelteken
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek