outsourcing

mannelijk/vrouwelijk (de)/ɑutˈsɔːrsɪŋ/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. het niet meer zelf iets doen, maar het laten doen door een extern bedrijf
    Wij doen nog niet aan de outsourcing van het tuinonderhoud.
  2. de uitvoering van een proces als gevolg van een strategische keuze door een organisatie, om één of meer bedrijfsactiviteiten uit te besteden aan een dienstverlenende onderneming of toeleverancier
    In de moeizame discussie over het afstoten (outsourcing) van de gemeentelijke afdeling Ruimte heeft de gemeenteraad het heft in handen genomen. Vijf fracties (Democraten.Nu, CDA, VVD, LAS en ChristenUnie), samen een ruime meerderheid in de raad, hebben het college een brief gestuurd. Met de opdracht te bezien of de buitendienst een zelfstandig bedrijf kan worden, met de gemeente als aandeelhouder. Zo'n constructie is vergelijkbaar met het Sportbedrijf. Tubantia 04-03-2017

Etymologie

* uit het Engels