overtrekken

/ˌovərˈtrɛkə(n)/

Wat is de betekenis van overtrekken?

overtrekken betekent: (ov) een nieuwe stoffen bekleding aanbrengen

Betekenis

werkwoord
  1. ov (ov) een nieuwe stoffen bekleding aanbrengen
  2. ov (ov) overdreven voorstellen
  3. ov, luchtvaart (ov) (luchtvaart) (van een vliegtuig of vleugel) in een positie brengen waarin vleugels opeens hun draagvermogen verliezen doordat de lucht er niet meer snel vlak overheen stroomt
werkwoord
  1. erga (erga) tijdens een lange tocht een gebied, dam, brug of iets dergelijks passeren
  2. ov (ov) de contouren natekenen

Voorbeelden van "overtrekken" in een zin

  • Die meubels kunnen best nog een keer overtrokken worden.
  • Volgens de minister was het probleem door de pers zwaar overtrokken.
  • Piloten leren waar ze op moeten letten om een vliegtuig niet te overtrekken.
  • De Carthagers waren de Alpen overgetrokken en vielen Rome aan.
  • Het liefst was hij toen de Bergen van Stilte maar ineens overgetrokken, maar dat was niet mogelijk. {{Aut|Herzen, Frank

Etymologie

**overtrékken [3]: omdat deze toestand ontstaat als een piloot de stuurknuppel te ver naar achteren trekt