pantograaf

mannelijk (de)/ˌpɑntoˈɣraf/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. werktuig om een vlakke figuur over te brengen (eventueel vergroot of verkleind)
  2. elektrotechniek (elektrotechniek) scharnierende stroomafnemer van elektrische trams of treinen

Etymologie

*van "pantographe", in de betekenis van ‘tekenaap’ aangetroffen vanaf 1824

Vertalingen

Spaanspantógrafo