parcours

onzijdig (het)/pɑrˈkuːr/

Wat is de betekenis van parcours?

parcours betekent: (sport) een bij een wedstrijd te volgen route

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. sport (sport) een bij een wedstrijd te volgen route
  2. figuurlijk (figuurlijk) achtereenvolgende benodigde stappen (handelingen, besluiten e.d.) om een bepaald doel te bereiken

Voorbeelden van "parcours" in een zin

  • De marathon van Rotterdam heeft een snel parcours.
  • ‘Het past in het wielrennen van deze tijd. Het moet spannender, specialer, steiler, gekker.’ Wout Poels, meesterknecht voor Team Ineos, grapt dat hij maar beter zijn gravelbike kan meenemen. ‘We moeten er maar mee dealen. Dit is het parcours.’
  • Het af te leggen parcours van een project.

Veelgestelde vragen over parcours

Wat is de betekenis van parcours?

parcours betekent: (sport) een bij een wedstrijd te volgen route

Hoeveel betekenissen heeft parcours?

parcours heeft 2 verschillende betekenissen in het Nederlands. Zie hierboven voor alle definities.

Welk woordgeslacht heeft parcours?

parcours is een onzijdig (het).

Wat zijn synoniemen van parcours?

Synoniemen van parcours zijn: parkoers, traject.

Hoe gebruik je parcours in een zin?

Voorbeeld: “De marathon van Rotterdam heeft een snel parcours.

Etymologie

* Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘af te leggen weg’ voor het eerst aangetroffen in 1901