woorden
boek
Start
›
P
›
parkeerbon
parkeerbon
mannelijk (de)
/pɑrˈkerbɔn/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
verkeer
(verkeer) een schriftelijke mededeling dat men voor ongeoorloofd parkeren beboet wordt
Er zat een parkeerbon onder de ruitenwisser.
Verwante woorden
Park
parka
parka's
parkaanleg
parkachtig
parkachtige
parkbank
parkbanken
parkbankje
parkbankjes
parkbeheerder
parkbeheerders
Bron:
OpenTaal
&
WikiWoordenboek
← parkeerboetes
parkeerbonnen →