parkinson
mannelijk/vrouwelijk (de)/ˈpɑrkɪnsɔn/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (medisch) ziekte die het centrale zenuwstelsel steeds verder aantastZij wijzen erop dat chemicaliën in plastic kunnen leiden tot kanker, hartfalen, alzheimer, dementie, parkinson, artritis, onvruchtbaarheid en zelfs ongeboren baby’s in de baarmoeder kunnen beschadigen.
Etymologie
*(eponiem) dat verwijst naar de 18e-eeuwse Britse arts die het ziektebeeld in 1817 voor het eerst beschreef, geschreven met een kleine letter volgens
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek