patstelling

vrouwelijk (de)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. schaak (schaak) stand in het schaakspel waarbij de koning pat staat
    De partij eindigde helaas in een patstelling, met remise tot gevolg.
  2. figuurlijk (figuurlijk) situatie waarin geen normale uitweg meer mogelijk is, bijv. doordat de dingen zijn vastgelopen
    Patstelling in EU over toezicht.

Etymologie

* In de betekenis van ‘situatie waarin men niet verder kan’ voor het eerst aangetroffen in 1979