pendule

mannelijk/vrouwelijk (de)/pɛn'dylə/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. klein slingeruurwerk dat binnenshuis gebruikt wordt en meestal op een kast of dressoir staat, vaak als siervoorwerp
    Mooi om zien is hoe vormgevers tijd nodig hebben om zich aan te passen: de eerste elektrische bedwarmer heeft nog de vorm uit de tijd dat je er kooltjes in moest doen, de waterkoker is een fluitketel met een stekker , de wasmachine een tobbe, de klok een pendule. de Standaard VRIJDAG 28 JULI 2017
    Het eerste voorwerp werd maandagmiddag overhandigd. Het ging om een pendule die qua afmeting afwijkt van andere pendules. „Ik loop af en toe een kringloopwinkel binnen en ontdek bijna altijd wel iets bijzonders”, zegt collectiebeheerder Jos Kuiper van Behoud van ’t Oud. „Na de oorlog bouwden fabrikanten pendules aan de lopende band. Arbeiders hadden plotseling voldoende inkomen om er ook een te kopen. Pendules zijn meestal 40 centimeter breed, maar dit exemplaar is wel 60 cm. Het paste waarschijnlijk niet op een vensterbank in een doorsnee arbeiderswoning.” Tubantia 13-01-2015

Etymologie

* uit het Frans

Vertalingen

Engelsclockwork