pesten

/xxxx/

Betekenis

werkwoord
  1. ov (ov) jennen, treiteren
    Ben jij op school weer gepest?

Etymologie

*afgeleid van pest , in de betekenis van 'als een pest voor iemand zijn, hem ondraaglijk kwellen'

Vertalingen

Engelspester, bully
Duitspiesacken, reizen, harceler