pirouette

mannelijk/vrouwelijk (de)/ˌpiruˈwɛt(ə)/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. dans (dans) snelle draai op één voet bij het dansen of kunstschaatsen

Etymologie

* Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘draai’ voor het eerst aangetroffen in 1824

Vertalingen

Spaanspirueta, voltereta