pluim

mannelijk/vrouwelijk (de)/plœym/

Wat is de betekenis van pluim?

pluim betekent: een veer

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. een veer
  2. een compliment
  3. biologie (biologie) een bepaalde bloeiwijze
  4. badminton (badminton) (Vlaams) andere naam voor badmintonshuttle
  5. sliert uitgestoken damp, rook etc.

Voorbeelden van "pluim" in een zin

  • Hij heeft een pluim op zijn hoed.
  • Ik gaf hem een pluim voor al zijn werk.
  • Deze plant heeft pluimen in het voorjaar.

Etymologie

* Leenwoord uit het Latijn, in de betekenis van ‘veer, toef’ voor het eerst aangetroffen in 1265

Uitdrukkingen

  • Een pluim krijgen of geveneen compliment krijgen of geven

Vertalingen

Engelsfeather, plume, praise
Spaansmazorca, panícula, panoja