pret
mannelijk/vrouwelijk (de)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- een genoeglijke en vrolijke ervaringDe kinderen hadden dikke pret in de verse sneeuw.
Etymologie
* In de betekenis van ‘plezier’ voor het eerst aangetroffen in 1600
Vertalingen
Engelsfun, pleasure
Spaansplacer
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek