Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.
principaat
vrouwelijk (de)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- het prins zijn
- het gebied waarover de prins regeert
- primaatschap
- benaming voor een groep van hemelse geesten, met alle hemelse deugden die de goddelijke geboden uitvoeren (en het z.g. zevende koor der Engelen vormen)
Etymologie
*afgeleid van het Latijnse princeps
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek