proef
mannelijk/vrouwelijk (de)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- een onderzoek of test naar de juistheid, degelijkheid of waarheid.
- (natuurkunde), (scheikunde), (biologie) het verrichten van een handeling om een verschijnsel te achterhalen of zichtbaar te maken, proefneming, experiment
- een drukproef
- een monster, (steekproef)
Etymologie
* Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘onderzoek’ voor het eerst aangetroffen in 1286 , semantisch beïnvloed door Duits "Probe" voor de bijkomende betekenissen.
Uitdrukkingen
- op de proef stellen — testen
Vertalingen
Engelsattempt, experiment, test
Fransépreuve, essai, échantillon
DuitsProbe, Probe
Spaansensayo, experimento, espécimen
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek