programmapunt

onzijdig (het)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. onderdeel van een serie handelingen
    Oom Owen viel stil, legde zijn handen in zijn schoot en keek ons vol verwachting aan waardoor het leek alsof hij al zo lang geen bezoek had gehad dat hij helemaal was vergeten wat het volgende programmapunt ook alweer was na het verplichte 1: laat de gasten binnen.
  2. onderdeel van een partijprogramma