woorden
boek
Start
›
P
›
pruiler
pruiler
mannelijk (de)
Betekenis
zelfstandig naamwoord
een boos, mokkend, ontevreden, chagrijnig persoon die vaak pruilt
Etymologie
* van pruilen
Synoniemen
griener
zeurkous
Bron:
OpenTaal
&
WikiWoordenboek
← pruilend
pruilerig →