pub

mannelijk (de)/pʏp/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. horeca (horeca) café in een volkse, Britse stijl
    We drinken bier in een pub, omdat zij vandaag toerist is, en als die om elf uur sluit, lopen we door de donkere stad naar haar hotel.

Etymologie

*van "pub"