radicalisering

vrouwelijk (de)/ˌradiˌkaliˈzerɪŋ/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. het proces waarin iemand of iets radicaal wordt
    "In de afgelopen jaren heeft het onderwerp radicalisering en toetreding tot extremistische organisaties steeds meer wetenschappelijke aandacht gekregen."
    Behalve de aanpak van radicalisering kwam ook het sociale zekerheidsverdrag aan bod. Asscher wil uitkeringen voor Marokkaanse Nederlanders die in Marokko wonen verlagen en ze aanpassen aan het lokale levenspeil.

Etymologie

* van radicaliseren .