rakel
mannelijk (de)/rakəl/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (gereedschap) werktuig in de vorm van een wisser waarmee inkt door een zeefraam gedrukt wordt
Etymologie
* In de betekenis van ‘hark’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1834
Vertalingen
Engelssqueegee
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek