ravanger
mannelijk (de)/ˈravɑŋər/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (scheepvaart) extra touw dat een balk waar een zeil aan hangt met de mast verbindt, als beveiliging voor het geval de normale verbinding het begeeft
Etymologie
*[http://www.dbnl.org/tekst/wits008arch01_01/wits008arch01_01_0030.php?q=raahl3 Architectura navalis et regimen nauticum Ofte Aaloude en hedendaagsche scheeps-bouw en bestier 2 delen (1690) Pieter en Joan Blaeu, Amsterdam (fotomechanische herdruk (1970) Graphic, Amsterdam]; p. 610; geraadpleegd 2017-10-21
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek