Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.
razoleeuwerik
mannelijk (de)/plaatshouder taxonomie/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (zangvogels) een zangvogel uit de familie van leeuweriken (Alaudidae). Het is een ernstig bedreigde, endemische vogelsoort op Kaapverdië
Etymologie
* (geoniem),
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek