Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.

razoleeuwerik

mannelijk (de)/plaatshouder taxonomie/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. zangvogels (zangvogels) een zangvogel uit de familie van leeuweriken (Alaudidae). Het is een ernstig bedreigde, endemische vogelsoort op Kaapverdië

Etymologie

* (geoniem),