rechterzijde

vrouwelijk (de)/ˈrɛxtərˌzɛidə/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. de kant tegenover degene waar zich gewoonlijk het hart bevindt
    De speer doorboorden hem aan de rechterzijde.
  2. politiek (politiek) een aanduiding voor de conservatieve krachten in een land
    Deze partij voert ter rechterzijde oppositie tegen de regering.