recordtempo

onzijdig (het)/rəˈkɔːrtɛmpo/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. hoogste snelheid tot dan toe uit een reeks
    DAF brengt met ingang van 29 april de productie terug van een recordaantal van 254 naar 240 vrachtwagens per dag, werd eerder bekend. Vanaf 13 mei wordt het tempo verder teruggeschroefd, naar 225 voertuigen per dag. Ten opzichte van het recordtempo is dat een verlaging van ruim elf procent.
    Ten derde legde de nieuwe paus weinig haast aan de dag bij het toevoegen van nog meer heiligen aan de kerkelijke kalender, en van het recordtempo waarin paus Johannes Paulus 11 nieuwe heiligen en zaligen had uitgeroepen, was hij beslist geen fan.
  2. figuurlijk (figuurlijk) buitengewoon hoge snelheid of korte tijd
    "(…) Ik baal nog steeds dat ik geen kans heb gehad met die ene jongen." 'Ach, jongens genoeg toch?' zei ik gekscherend, doelend op het recordtempo waarin ze meestal jongens verslond.