Reef

onzijdig (het)/ref/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. techniek, scheepvaart (n) (techniek), (scheepvaart) bij windmolens en zeilschepen: strook van het zeiloppervlak dat tijdelijk kan worden opgevouwen of opgerold
    De wind is te sterk, we zullen een reef, of misschien wel twee, moeten steken.
  2. (f) golf, baar, uitlopende golfslag, waterrimpeling

Etymologie

* In de betekenis van ‘inneembare strook in zeil’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1407

Vertalingen

Engelsreef
Fransris