reformateur
mannelijk (de)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- iemand die reformeert, een hervormer
- (religie) bepaalde godsdienstige protestanten in de 17e eeuw die braken met de Rooms-Katholieke KerkDe nadere reformateurs hebben de gezinshoofden aangespoord en toegerust om hun gezinnen dienovereenkomstig te besturen.[http://www.ssnr.nl/publication/B97005869/text De nadere reformatie van het gezin. De visie van Petrus Wittewrongel op de christelijke huishouding / Leendert Frans Groenendijk]
Etymologie
* van reformeren
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek