regalia
/reˈɣalija/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- uiterlijke tekenen van de soevereine macht van een vorst.In de Nieuwe Kerk werden de regalia getoond tijdens de inhuldingsceremonie van de nieuwe koning, te weten de kroon, de scepter, de grondwet en de rijksappel.
Etymologie
*van Latijn "regalia"
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek