reisduif
mannelijk/vrouwelijk (de)
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- duif die gehouden en gekweekt wordt voor het houden van wedstrijdenWegens de duivenjacht zaterdag en zondag is ook de duivensport ontregeld. Sommige prijsduiven zijn zeer veel geld waard. „Een beetje jager zal wel het verschil zien tussen een houtduif en een reisduif. Maar je weet maar nooit", zegt kampioen–duivenmelker Pros Roosen uit Kermt vrijdag in Het Belang van Limburg. „Het risico is mij te groot". Reformatorisch Dagblad 20-02-2009 [https://www.rd.nl/vandaag/buitenland/houtduiven-dit-weekend-niet-veilig-in-vlaanderen-1.1289044 Houtduiven dit weekend niet veilig in Vlaanderen]Rijssen heeft drie postduivenverenigingen: bij De Zwaluw zitten de zondagsvliegers en De Reisduif en Het Luchtvermaak zijn de zaterdagvliegers. Het Luchtvermaak is de grootste vereniging met zeventig seniorleden, tien jeugdleden en een riant clubgebouw aan de Marijkestraat. Maar ook in de postduivenwereld moeten alle zeilen worden bijgezet om het ledenbestand op peil te houden. Reformatorisch Dagblad Gerrit Dannenberg 07-12-2012 [https://www.rd.nl/vandaag/binnenland/sloop-maranatha-wordt-een-ramp-voor-de-rijssense-duivensport-1.705870 „Sloop Maranatha wordt een ramp voor de Rijssense duivensport”]
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek