Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.

renommée

/rənɔˈme/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. verouderd (verouderd) indirecte bekendheid (alleen in onderstaande uitdrukking, zie spellingregel 4.B)
    Mijnheer Janssen: Hier, vrouwtje, stel ik je den heer Pietersen voor, mijn intiemsten vriend. Mijnheer Pietersen: Zeer aangenaam, mevrouw, want par renommée was u me al bekend. Uw man heeft me wel eens charmante brieven laten zien, die zijn lieve Marie hem schreef. Mevrouw Janssen: Maar ik heet Willy!

Etymologie

*van "renommée"

Uitdrukkingen

  • par renomméevan naam; bij reputatie; uit verhalen