Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.

renovatiewoning

vrouwelijk (de)/renoˈva(t)siˌwonΙͺΕ‹/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. huis dat een ingrijpende opknapbeurt moet of heeft ondergaan
    Het zou volgens hem het beste zijn om preventie voor de mensen te regelen, in plaats van ze daarvoor zelf verantwoordelijk te maken. Dit kan bijvoorbeeld door inbraakpreventie te verplichten bij nieuwbouw en renovatiewoningen.
    De maximumduur voor tijdelijke verhuur van woonruimte in leegstaande kantoren, ziekenhuizen, verpleeghuizen, hotels en scholen gaat van vijf naar tien jaar. Sloop- en renovatiewoningen mogen straks voor zeven jaar worden verhuurd in plaats van vijf.
    Hij bewoont met twee verslaafden een gekraakte renovatiewoning in Spangen.