reptiel

onzijdig (het)/rɛp'til/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. reptielen (reptielen) een koudbloedig, kruipend gewerveld dier met meestal vier poten en een schubbenhuid
    Een slang behoort tot de groep van de reptielen.

Etymologie

* Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘kruipend dier’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1777

Vertalingen

Engelsreptile
Fransreptile
DuitsKriechtier, Reptil, Wurm
Spaansreptil
Italiaansreptilia
Portugeesréptil
Russischпресмыкающееся, рептилия
Japans爬虫類
Koreaans파충류
Arabischزحّافة
Turkssürüngen
Poolsgad
Zweedsreptil
Deenskrybdyr