retor

mannelijk (de)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. redenaar
  2. in de oudheid een leraar in de welsprekendheid
  3. bombastisch, hol spreker of dichter

Etymologie

*afgeleid van het Latijnse 'retor' ()

Vertalingen

Spaansretórico, vanílocuo