revanche

mannelijk/vrouwelijk (de)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. vergelding, terugpakking, wraakneming
    De kop was zoals gewoonlijk kort en slagvaardig: Terreuradvocaat vlucht voor vrouwendemonstranten Aanklager: Advocaat Letang is EEN SCHANDE VOOR HET ADVOCATENKORPS Maar nu ging het dus om revanche.
  2. een nieuwe kans om het verlies van de vorige keer te herstellen
    Met de voetbalwedstrijd namen we onze revanche door te winnen met 2-1.

Etymologie

* Afgeleid van het Franse werkwoord revancher