rijinstructeur
mannelijk (de)/ˈrɛiʔɪnstrʏkˌtør/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (beroep) iemand die voor zijn beroep mensen praktijklessen geeft in het besturen van een motorvoertuig zoals een auto, motor of vrachtwagen‘U stopt in feite met rijden’, zei de rijinstructeur, ook al gingen we nog steeds vooruit. ‘Zodra u begint te sms’en, zie ik u niet meer naar de zijspiegels kijken, of naar een straat rechts.’ de Standaard 9 oktober 2017"Hoe houden jullie de mensen hier lang genoeg van de drank af, zodat ze slagen voor hun rijexamen?" Tegen een Schotse rijinstructeur. Tubantia 2 augustus 2017 citaat van Prins Philip
Vertalingen
Engelsriding instructor
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek